Programma's en projecten rond onderwijsinnovatie met ict kosten miljoenen en mislukken vaak. Door goede evaluatie wordt verantwoording afgelegd voor de bestede middelen en kunnen we leren van opgedane ervaringen. Dit stelt Frans Vodegel in zijn proefschrift Grootschalige Onderwijstransformatie: beleidstheorie, ontwerpprincipes en kritische succesfactoren. Op vrijdag 18 juni 2010 promoveerde hij bij de faculteit Managementwetenschappen aan de Open Universiteit in Heerlen.In de jaren 2002-2006 is er in Nederland voor tientallen miljoenen euros besteed aan grootschalige innovatieprogrammas in het hoger onderwijs die niet zijn gelukt. Onder andere SPIoN, het Samenwerkingsprogramma voor het ict-onderwijs in Nederland, het eerste programma waarin transformatie van het ict-onderwijs vorm moest krijgen. Het programma moest model staan voor programmas voor andere onderwijsdomeinen. Helaas, SPIoN werd vroegtijdig stopgezet. Welke factoren speelden hier een rol?
En, hoe moet grootschalige transformatie ontworpen en uitgevoerd worden om een gerede kans van slagen te hebben? Uit dit onderzoek blijkt dat de belangrijkste verklaring voor het niet-slagen is: een onoverbrugbaar verschil van inzicht tussen opdrachtgevers en opdrachtnemers over het begrip onderwijstransformatie. Verder zou grootschalige onderwijstransformatie uit moeten gaan van een 3e orde ontwikkelingsproces waarin docenten leren zien dat het onderwijs moet veranderen, moet het
programmaontwerp theorie gebaseerd zijn en moet men zich bij de uitvoering rekenschap geven van kritieke succesfactoren waaraan voldaan moet zijn.
Evaluatie is belangrijk, want juist kennis van falen is nodig om inzicht te krijgen in innovatieprocessen. Bij mislukte trajecten moet men niet stil staan bij wat niet is uitgekomen. Het heeft meer zin te kijken wat er van geleerd kan worden. In dit onderzoek is dat gedaan. Op basis van een reconstructie zijn de gebeurtenissen geanalyseerd. De bevindingen daarvan zijn voorgelegd aan veldexperts en aan inhoudelijke experts. De resultaten daarvan zijn gemodelleerd in een orientation base
bestaande uit theorie, ontwerpprincipes en kritieke succesfactoren die veranderaars kunnen gebruiken wanneer ze met een soortgelijke nieuwe situatie moeten zien om te gaan.
Het onderzoek werd gefinancierd door de Hogeschool Utrecht.
Frans Vodegel (1948) werkt vanaf de jaren negentig van de vorige eeuw aan grootschalige projecten op het snijvlak van innovatie met ict. Eerst binnen het hoger gezondheidsonderwijs als directeur van een internationaal deskundigheidsnetwerk van hogere beroepsopleidingen en beroepsverenigingen binnen de sector. Daarna in de wereld van cultuur & media als directeur van een Europese samenwerkingsverband van ondernemingen voor een Music On Demand Service. Sinds 2000 werkt hij voor de Hogeschool Utrecht, vanaf 2003 voor een strategisch programma van de hogeschool ten behoeve van de positionering van de verschillende ict-opleidingen. Vanuit dat programma is hij ook gaan werken als programmamanager van SPIoN. Na de beëindiging van SPIoN werkte hij tot begin 2010 aan het evaluatieonderzoek.