Lid van de Studentenraad

Onze Open Universiteit

Het is natuurlijk een open deur intrappen als ik stel dat de Open Universiteit een instelling is voor wetenschappelijk afstandsonderwijs. Het maakt haar echter wel heel bijzonder. Bij reguliere universiteiten krioelt het van de studenten. Op onze campus is geen student te zien is, behalve dan degenen die er ook werken of er toevallig iets te doen hebben. Studenten aan de Open Universiteit zijn gewoonlijk ook ouder dan studenten aan andere universiteiten en ze hebben veel meer levenservaring. Wat dit laatste betreft doen ze niet onder voor de docenten. Op het eerste gezicht is het dan ook niet mogelijk studenten en docenten van elkaar te onderscheiden. Integendeel, vaak zijn de studenten ouder dan de docenten.

Soorten en maten

Studenten zijn er in soorten en maten. Allemaal met eigen verwachtingen en wensen. De ene student wil alleen maar studeren, bezoekt zo weinig mogelijk een studiecentrum en wil zo min mogelijk contact met andere studenten. De andere student wil niets liever dan zoveel mogelijk contact met medestudenten, is lid van een studentenvereniging en snuffelt rond in de boekenkast van het studiecentrum. 'De' student bestaat dus niet. Ook dit is een open deur. Zoveel studenten, zoveel zinnen. Desondanks is het zaak dat de Open Universiteit 'de' student zodanig voor zich wint, dat deze zich verbonden voelt met het instituut waar hij of zij studeert. Verbondenheid met de universiteit hoort bij student zijn. Die verbondenheid blijft nadat men is afgestudeerd.

Persoonlijk contact

Naarmate de tijd vordert en de elektronica een steeds grotere rol speelt, dreigt de verbondenheid met de Open Universiteit echter minder te worden. Virtuele studiebegeleiding en virtuele cursussen binden studenten aan hun computer en isoleren hen van medestudenten. Een ontwikkeling die niet tegen te houden is en die zeer zeker ook goede kanten heeft. Het is efficiënt, spaart tijd en kosten, en functioneert zeker naar wens. Werkboeken en proeftentamens zijn snel aan te passen, zodat men altijd de laatste versie heeft. Het is echter ook een verschraling, want face-to-facecontact met studiebegeleider en medestudenten is naar mijn mening onmisbaar. Een gesprek met een medestudent die tegen hetzelfde probleem aangelopen is, kan een sterke stimulans zijn om door te zetten. En een goede tip is nooit weg. Een goed persoonlijk contact met je mentor is eveneens waardevol. Het is prettig om te weten met wie je te maken hebt als er zich moeilijkheden voordoen. Alleen via e-mail contact maken, is op den duur immers wel erg onpersoonlijk.

Truus Meier

© 2012 Open Universiteit