Lees voor

Zoeken

Zoeken

Beeldvorming cruciaal voor motivatie leraren

Nieuwsbericht 14-01-13Nieuwsoverzicht
Uit onderzoek blijkt dat de motivatie van de leraar samenhangt met de prestatie van leerlingen. Media roepen dan ook steeds vaker op tot bevlogen gemotiveerde leraren.
Uit onderzoek blijkt dat de motivatie van de leraar samenhangt met de prestatie van leerlingen. Media roepen dan ook steeds vaker op tot bevlogen gemotiveerde leraren. Toch is bij al die aandacht enige voorzichtigheid geboden. In de januari uitgave van het onderwijsvakblad Van Twaalf tot Achttien legt Janneke Hooijer, onderzoeker en programmaleider bij LOOK (Wetenschappelijk Centrum Leraren Onderzoek), uit waarom. In het artikel gaat ze in op een specifieke factor van motivatie, namelijk beeldvorming.

Vormen van motivatie

In motivatieonderzoek maakt men onderscheid tussen intrinsieke (iets doen omdat je het leuk vindt) en extrinsieke motivatie (iets doen omdat je het moet doen). Intrinsiek gemotiveerde leveren ondersteunen in hun gedrag de autonomie van leerlingen. Extrinsiek gemotiveerde leraren zich juist controlerend gedragen naar hun leerlingen. Intrinsieke motivatie is in dit geval de meest optimale vorm, omdat het leidt tot betere prestaties van leraren. Ook kunnen ze hun motivatie op deze wijze langer vasthouden bij tegenslag.

Aanstekelijk

Het gedrag van een leraar hangt dus onder meer samen met zijn motivatie. Maar naast dat gedrag is er ook een directere link. Hooijer beschrijft dat proces aan de hand van het social contagion model. Motivatie van de ene persoon kan de andere persoon als het ware 'besmetten'. Die andere persoon blijkt gevoelig voor niet alleen de daadwerkelijke motivatie, maar ook voor de motivatie die hij verwacht of denkt te zien. Leraren die verwachten dat hun leerlingen gemotiveerd zijn, gaan hun eigen gedrag daarop aanpassen. En zo lokken ze op hun beurt weer gemotiveerd gedrag bij leerlingen uit. Een self-fulfilling prophecy dus die andersom ook geldt.

Invloeden

In de praktijk blijkt het soms lastig intrinsieke motivatie vast te houden, omdat er verschillende factoren zijn die een negatieve invloed kunnen hebben. Leraren voelen zich in sommige gevallen bijvoorbeeld niet competent om dingen uit te voeren die hun gevraagd worden. Denk aan het doorvoeren van een andere didactische aanpak, zonder voldoende training daarin. Ook een gebrek aan ervaren autonomie (zoals zeggenschap over de onderwijsinrichting) of een hoge werkdruk kunnen een negatieve uitwerking hebben op intrinsieke motivatie.

Beeldvorming

Beeldvorming is dus een belangrijke factor als het gaat om motivatie, zoals ook blijkt het social contagion model. De beeldvorming bepaalt mede het gedrag ten opzichte van de ander, en dat heeft op zijn beurt invloed op de daadwerkelijke motivatie van die ander. Het gaat immers om het managen van verwachtingen. Hooijer roept dan ook om voorzichtig te zijn met stellige ongenuanceerde uitspraken over het gebrek aan motivatie bij leraren, omdat het zomaar waarheid kan worden.