Lees voor

Zoeken

Zoeken

Studiedag Het bestemmingsplan en gebiedsontwikkeling

(On)mogelijkheden van het bestemmingsplan

Gebiedsontwikkeling was lange tijd vooral ingegeven vanuit groeidoelstellingen. Steeds vaker komt echter herstructurering van bestaand gebied op de agenda. Herstructurering is niet alleen een zaak van ruimtelijke keuzes, maar vraagt om een bredere aanpak. Men denke aan de Vogelaarwijken, de herstructurering van bedrijventerreinen, het bestrijden van leegstand van huizen, winkels en kantoren e.d. Bestemmingsplannen moeten mogelijkheden bieden voor herstructurering. In deze studiedag worden de mogelijkheden en onmogelijkheden van bestemmingsplannen op dit punt behandeld.

Van kwantiteit naar kwaliteit

De actualiteit van herstructureringsvraagstukken is de laatste jaren toegenomen, omdat gemeenten en provincies in steeds vaker worden geconfronteerd met de gevolgen van krimp van de bevolking. Het opvangen daarvan is niet alleen nieuw vanuit ruimtelijk ordeningsperspectief, maar ook voor allerlei andere sectoren van overheidsbeleid. In krimpgebieden verdwijnen voorzieningen als scholen en winkels en komen huizen en winkels blijvend leeg te staan. De overheden worden geconfronteerd met de vraag hoe de huidige levensstandaard en (ruimtelijke) kwaliteit kan worden behouden en wie daarvoor de rekening moet betalen. De uitdaging is van een omslag in het denken te maken van kwantiteit naar kwaliteit. De bestaande wetgeving is nog niet aangepast aan deze nieuwe problematiek. Zo kan de GREX-wet ertoe leiden, dat een gemeente een eigenaar een exploitatiebijdrage moet betalen in plaats van andersom. Voor het bestemmingsplan levert dit vraagstukken op ten aanzien van de financiële uitvoerbaarheid van een bestemmingsplan, maar ook over de wijze waarop inhoudelijk kan worden ingespeeld op de toekomstige situatie.

In deze studiedag staat dus de vraag centraal op welke wijze met een bestemmingsplan invulling kan worden gegeven aan gebiedsontwikkeling en op welke wijze grondpolitiek, grondexploitatie en planologische besluitvorming met elkaar samenhangen. Dit wordt behandeld voor zowel gebiedsontwikkeling in de zin van groei als gebiedsontwikkeling in de zin van het anticiperen op en opvangen van de gevolgen van krimp van de bevolking.

Deze studiedag geeft een voorproefje van de module Ruimtelijk ordeningsrecht uit het CPP-programma Omgevingsrecht en uit de reguliere Masteropleiding van de OU.

Relatie met de praktijk

Bij dit thema wordt een doorkijk geboden naar de praktijk. Waar loopt men tegenaan? Hoe kan de financiële uitvoerbaarheid (m.n. bij krimp, leegstand en herstructurering) worden gegarandeerd? Wat betekent dit voor flankerend beleid en andere (ruimtelijke) besluiten (bijvoorbeeld een structuurvisie of projectbesluitvorming)? Hoe kan een bestemmingsplan zodanig flexibel worden gemaakt, dat niet voor iedere verandering een afwijkingsbesluit nodig is. Ingegaan wordt ook op de vraag hoe hierbij een kwaliteitsslag gemaakt kan worden ten aanzien van stedenbouw, landschap, natuur, recreatie, leefbaarheid etc., want krimp biedt ook kansen. Zeker in de huidige tijd van bezuinigen is veel deskundigheid en creativiteit nodig om hierop een adequaat antwoord te geven.