Formeel strafrecht
-
Rechtswetenschappen
-
RS0832
-
5 EC
Inhoud
In de cursus Materieel strafrecht gaat het vooral om de vraag welk gedrag strafbaar is en wanneer een dader niet strafbaar is. In de cursus Formeel strafrecht ligt de nadruk op de vraag wat er mag en soms moet gebeuren ter opheldering van het vermoeden dat een strafbaar feit is gepleegd.
Hoe kan het (opsporings)onderzoek door politie en justitie plaatsvinden zonder dat dit een te vergaande inbreuk maakt op de rechten van burgers, waaronder de verdachte? Gedurende tien weken staan we stil bij vragen zoals ‘Aan wie komen welke bevoegdheden toe in het opsporingsonderzoek?’, ‘Welke actoren treden op in het strafproces?’ en ‘Welke waarborgen kent ons strafproces opdat aan het einde van de rit een juist oordeel wordt geveld?’.
In deze cursus doorlopen we het strafproces vanaf het moment dat er een redelijk vermoeden rijst dat er een strafbaar feit is gepleegd tot en met de einduitspraak. En zelfs nog een stukje verder: we behandelen ook de rechtsmiddelen die tegen een einduitspraak kunnen worden ingesteld.
Dat doen we niet alleen aan de hand van hetgeen in het huidige Wetboek van Strafvordering en bijzondere wetten daarover te vinden is. Maar ook de rechten van de mens zoals neergelegd in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens komen nadrukkelijk aan bod. Bovendien zullen we vooruitlopen op de inwerkingtreding van het nieuwe Wetboek van Strafvordering, die staat gepland op 1 april 2029. Daarmee willen we verzekeren dat studenten op de hoogte zijn van de laatste stand van zaken op het moment dat ze afstuderen.
Na afronding van deze cursus:
- heb je een grondige kennis van het strafprocesrecht met inbegrip van het strafprocesrecht zoals dat met de inwerkingtreding van het nieuwe Wetboek van Strafvordering per 1 april 2029 zal luiden;
- weet je welke invloed het EVRM op het Nederlandse strafprocesrecht heeft en kun je daarvan voorbeelden noemen;
- ben je in staat om de opgedane kennis toe te passen op een casus met meerdere strafprocessuele aspecten;
- heb je kennisgemaakt met jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en ben je in staat om deze kennis toe te passen op een concrete casus;
- ben je op de hoogte van de theoretische grondslagen en beginselen van het strafprocesrecht en heb je inzicht in de doorwerking van deze beginselen in de praktijk van het strafprocesrecht;
- heb je je ter voorbereiding op het tentamen met open vragen de vaardigheid 'casus oplossen' eigen gemaakt met een specifieke focus op het oplossen van een strafprocessuele casus; en
- heb je een begin gemaakt met het 'kritisch reflecteren' op het strafprocesrecht.
Aanmelden
Toelichting aanmelden
Deze cursus maakt onderdeel uit van een schakelprogramma. Pas nadat je bent toegelaten tot het volledige schakelprogramma, kun je je aanmelden voor deze cursus. Meer informatie over het schakelprogramma en de kosten is te vinden op www.schakelzone.nl.
Aanmelden voor deze cursus is alleen mogelijk via je studiepad.
Deze cursus wordt per academisch jaar eenmaal aangeboden.
Voorkennis
Begeleidingsvorm
Tentamenvorm
Tentamentoelichting
Cursusmateriaal
Gebruik altijd de meest recente bundel (van het lopende studiejaar). Het gebruik van een eerdere bundel is voor eigen risico.
Je kunt de wettenbundel(s) (online) kopen bij de uitgever of bij de betere boekhandel. Voor deze cursus mag ook de wettenbundel van Ars Aequi ‘Strafrecht & Strafvordering’ worden gebruikt.
Het cursusmateriaal voor deze cursus bestaat uit:
- B.F. Keulen & G. Knigge, Strafprocesrecht, Deventer: Wolters Kluwer (meest recente uitgave);
- aanvullende literatuur die digitaal via de cursussite wordt aangeboden;
- een aantal verplichte arresten (die je zelf moet opzoeken via de relevante digitale databanken);
- de teksten in de cursusstructuur van de online leeromgeving; en
- hetgeen besproken wordt in de virtuele klassen.