www.ou.nl

Proef eens van...
..............Psychologie

Waarneming van vormen (1)

Diverse waarnemingstheorieën stellen dat de waarneming van een object in ons bewustzijn ontstaat doordat ruwe gewaarwordingen in ons brein worden gecombineerd tot steeds grotere, betekenisvolle eenheden. Waarneming is dus een soort reorganisatieproces van alle losse elementen die onze zintuigen opvangen.
Groep mensen

Perceptuele organisatie

Tijdens dit proces van perceptuele organisatie worden in onze hersenen allerlei elementaire gewaarwordingen, zoals punten, lijnen en randen samengevoegd en gestructureerd tot eenheden. Die eenheden worden vervolgens weer samengevoegd tot objecten, en zo verder, tot er een totaalbeeld is gevormd van de wereld om ons heen.

Uit onderzoek blijkt dat bij deze perceptuele organisatie niet alleen maar losse stukjes worden samengevoegd. Die samenvoeging verloopt namelijk volgens een aantal principes die het ons vergemakkelijken om snel een beeld van de wereld te vormen. Er wordt tijdens het samenvoegen van alle brokjes als het ware wat informatie toegevoegd om de samenvoeging soepel te laten verlopen.

Gestaltpsychologie
Wat wij waarnemen is dus eigenlijk meer dan een simpele optelsom van alle informatie die onze zintuigen gewaarworden. Deze benadering, waarbij de waarneming van de wereld in ons bewustzijn wordt beschouwd als meer dan de som der delen, is typisch voor de gestaltpsychologie.

Gestaltpsychologen deden onderzoek naar basale waarnemingsprocessen en ontdekten daarbij een aantal elementaire organisatieprincipes die aan onze waarneming ten grondslag liggen. Deze organisatieprincipes maken dat we bij het zien van bepaalde stimulusconfiguraties geneigd zijn om deze als een eenheid te ervaren, terwijl we andere stimulusconfiguraties juist zien als losse eenheden.

Groeperingsprincipes
Hieronder ziet u een aantal voorbeelden van dergelijke principes.

figuur 1 figuur 2 figuur 3 figuur 4
Figuur 1 Figuur 2 Figuur 3 Figuur 4

  1. Het principe van gelijkheid: we zijn geneigd om gelijksoortige stimuli in onze waarneming te groeperen tot een eenheid. De stippen in figuur 1 groeperen we bijvoorbeeld automatisch in horizontale richting. Probeer maar eens om het stippenpatroon in verticale lijnen waar te nemen, u zult zien dat uw waarneming dat nauwelijks toelaat!
  2. Het principe van nabijheid: we zijn geneigd om stimuli die dicht bij elkaar liggen te groeperen tot een eenheid. In figuur 2 zien we drie paren van bijeenliggende strepen, met links daarvan één losse streep. U zou hier ook paren van uiteenliggende strepen kunnen zien, met rechts daarvan één losse streep, maar uw visuele apparaat kiest vanzelf voor de eerste optie.
  3. Het principe van geslotenheid: we zijn geneigd om losse stimuli in onze waarneming samen te voegen tot een gesloten geheel, zelfs als we daarvoor ontbrekende elementen moeten aanvullen. In figuur 3 zien we bijvoorbeeld automatisch een cirkel en een rechthoek.
  4. Het principe van goede voortzetting: we zijn geneigd om stimuli zo waar te nemen dat ze vloeiend in elkaar overlopen. Wanneer we bijvoorbeeld naar figuur 4 kijken, dan zien we een lijn die van A naar B loopt, en een lijn die van C naar D loopt. Terwijl het niet snel in ons op zal komen een lijn te zien die bijvoorbeeld van A naar C loopt, of van B naar D.

Dergelijke groeperingsprincipes maken dat we als vanzelf eenheden waarnemen in de massa aan prikkels die onze zintuigen naar onze hersenen sturen. In onze waarneming smeden we dus eigenlijk een groot deel van de losse informatie die we opdoen tijdens de gewaarwording weer aaneen met behulp van een aantal handige vuistregels.
Een vaas of twee gezichten?Figuur-achtergrondscheiding
Een ander principe dat ons hier bij helpt, is het principe van figuur-achtergrondscheiding. Dit principe maakt dat we snel op een robuuste manier objecten van hun achtergrond kunnen scheiden. Een voorbeeld hiervan zien we in figuur 5. We kunnen hier twee dingen zien – een vaas, of twee gezichten – maar beide figuren tegelijk zien is bijna onmogelijk. Op het moment dat we een van beide figuren zien, bestempelt onze waarneming de rest van de afbeelding automatisch als achtergrond.

Van dergelijke principes onderzochten de gestaltpsychologen er vele. Zo ontdekten zij dat ook principes als omsingeling, symmetrie, textuur en vertrouwdheid invloed uitoefenen op de manier waarop wij binnenkomende prikkels in onze hersenen tot eenheden verwerken. Hiermee ontstaat echter nog niet de waarneming van een betekenisvolle wereld. Daarvoor is meer nodig dan alleen de groepering van stimuli tot eenheden.

Waarneming van vormen (2) »