Deze website gebruikt cookies (en daarmee vergelijkbare technieken) om het bezoek voor u nog makkelijker en persoonlijker te maken. Met deze cookies kunnen wij en derde partijen uw internetgedrag binnen en buiten onze website volgen en verzamelen.
Hiermee kunnen wij en derde partijen advertenties aanpassen aan uw interesses en kunt u informatie delen via social media.
Klik op 'Ik ga akkoord' om cookies te accepteren en direct door te gaan naar de website of klik op om uw voorkeuren voor cookies te wijzigen. Bekijk onze privacyverklaring voor meer informatie.
PSY_Antrozoologie_13713_head_large.jpg
Downkinderen en boerderijdieren
Richard Griffioen, promovendus bij de Open Universiteit, brengt kinderen met Down syndroom, autisme of special needs in contact met kinderboerderijdieren. Onder begeleiding van een begeleider en een diergedragstrainer leren ze diverse activiteiten uitvoeren met de dieren. Hij onderzoekt het effect van de interactie met dieren op de kwaliteit van leven van deze kinderen en op hun levensvaardigheden: communicatieve vaardigheden, concentratie, zelfredzaamheid en sociale interactie…

Waarom een programma met dieren?

Veel kinderen vinden de omgang met dieren leuk. Tijdens de interactie met de dieren komen allerlei zaken, die kinderen in het dagelijks leven tegenkomen op een natuurlijke manier aan de orde. Een dier laat kinderen ervaren of iets wel of niet werkt. Bijvoorbeeld door weg te lopen, niet te reageren of juist contact te zoeken. Door de directe feedback van het dier kan het kind op een veilige manier oefenen met verandering van gedrag. Succeservaringen die opgedaan worden dragen bij aan het zelfvertrouwen en een positief gevoel. Een dier motiveert kinderen om sociaal contact aan te gaan en om samen te werken. Vanuit spel, plezier en ontspanning wordt er door het kind ervaringsgericht geleerd of een aanzet tot leren gegeven. Het is vaak voor het eerst dat een kind dan beleeft dat zijn of haar actie een effect heeft op het gedrag van het dier (en mens) en dit geeft een gevoel van zelfvertrouwen.

De doelstelling van het project is dat de kinderen aan het einde van de periode van 8 weken aantoonbare gedragsveranderingen hebben ondergaan, d.w.z bijvoorbeeld langere concentratietijd, betere sociale interactie, een blij gevoel dus minder stress, kunnen vertellen over hun positieve ervaringen, kunnen laten zien wat zij geleerd hebben etc. Het meten van deze effecten kan middels video analyse en andere meetinstrumenten als gevalideerde vragenlijsten voor ouders en kinderen en eventuele hartritme en stresshormoon (uit speeksel) metingen

Het programma is grensverleggend en kijkt over bestaande structuren heen door een landelijk programma te ontwikkelen dat verschillende partijen rondom kind en dier samenbrengt. Te weten:

  • Scholen voor speciaal onderwijs
  • Stichting SAM, dierondersteunde therapie
  • Leerdier, pedagogische begeleiding en kindercoaching, Carmen Maurer
  • Kinderboerderijen
  • Stichting Onky Donky
  • Ouwehands Dierenpark en andere dierentuinen
  • Opleidingen voor dierverzorgers
  • Instituut voor Antrozoologie
  • Open Universiteit
  • Zorgprofessionals, aangesloten bij de begunstigersorganisatie AAIZOO. (Animal assisted interventions in zorg, onderwijs en onderzoek).

Meer over het effect van een huisdier...