Lezen: zeventien vragen over 21e-eeuwse vaardigheden
Internationaal en ook in Nederland is er brede overeenstemming over dat scholen een belangrijke rol hebben in het aanleren van ‘21e-eeuwse vaardigheden’ die horen bij een snel veranderende informatie- en kennismaatschappij. Het gaat niet alleen om vaardigheden om kennis te kunnen vergaren, maar ook om snel steeds weer nieuwe dingen te kunnen leren.

Zeventien vragen en antwoorden

Deze 21e-eeuwse vaardigheden zijn niet per se nieuw, maar leggen wel een andere nadruk op en vragen andere competenties van scholen en de professionals die daar werken. Om daar wat meer helderheid in te brengen, hebben Marjan Vermeulen en Emmy Vrieling van het Welten-instituut zeventien veel gestelde vragen uit de onderwijspraktijk over dit onderwerp beantwoord. Die vragen en antwoorden staan in het rapport '21e eeuwse vaardigheden: achtergronden en onderwijsimplicaties'. Het is het resultaat van een samenwerking met de PO-Raad en Kennisnet.

21e-eeuwse vaardigheden: achtergronden en onderwijsimplicaties

Niet alleen nieuwe technologie

De verwachting is dat technologische ontwikkelingen het onderwijs drastisch zullen veranderen en dat het steeds weer toepassen van nieuwe technologieën een essentiële vaardigheid zijn voor mensen in de 21e eeuw. Maar nieuwe technologische toepassingen betekenen niet alleen het kunnen bedienen van apparaten; ze hebben ook grote consequenties voor onder andere communicatie en sociale vaardigheden. De 21e-eeuwse mens moet leren hoe verschillende deelgebieden (bijvoorbeeld nieuwe technische handelingen en nieuwe sociale vaardigheden) creatief te kunnen combineren.

Wetenschap voor de praktijk

De antwoorden op de zeventien vragen zijn geformuleerd op basis van de bestaande wetenschappelijke literatuur. Het document is bedoeld als inspiratiebron voor leraren die meer kennis willen opdoen over 21e-eeuwse vaardigheden om vandaaruit aan de slag te gaan in hun eigen onderwijscontext. Naast een antwoord op de vragen, geven de auteurs per vraag aanvullende (literatuur)suggesties ter verdieping van het begrip.

Dit onderzoek is een van de resultaten uit de versnellingsvraag van Stichting WereldKidz. De versnellingsvragen maken deel uit van het programma 'Slimmer leren met ICT'. Binnen dit programma werken de PO-Raad en Kennisnet samen zodat scholen ict op hun eigen manier makkelijk kunnen inzetten voor onderwijs, leerlingen meer op maat kunnen leren en we zo het beste uit ieder kind kunnen halen. Deze uitgave is mede mogelijk gemaakt door het Doorbraakproject Onderwijs & ICT.