null Leerkrachten ondersteunen in het aanpakken van racistisch pesten in de klas

OW_Ondersteuning_Leerkrachten_Racistisch_Pesten_Klas_28536_head_large.jpg

Leerkrachten ondersteunen in het aanpakken van racistisch pesten in de klas

'Ga terug naar je eigen land.' Het is maar een voorbeeld van racistisch pesten op scholen. Leerkrachten weten daar niet altijd goed raad mee en kunnen wel wat ondersteuning gebruiken. Roy Willems start een onderzoek naar de factoren die bepalen hoe leerkrachten reageren op racistisch pesten. 'Als we begrijpen hoe al deze factoren met elkaar samenhangen, kunnen we ze beter ondersteunen in hun aanpak van racistisch pesten.'

Gevoed door samenleving

Nederlands onderzoek suggereert dat 15-30% van het pesten op scholen racistisch gemotiveerd is. Racistisch pesten is pesten dat voortkomt uit vooroordelen over iemands etniciteit, cultuur, afkomst of religie. Het verschil met 'gewoon' interpersoonlijk pesten (gericht op persoonlijke eigenschappen of gedrag) is dat racistisch pesten wordt gevoed door racistische opvattingen in de samenleving die vervolgens op scholen tot uiting komen.

Sleutelrol voor leerkrachten

Extra problematisch bij racistisch pesten is dat het racisme normaliseert en ongelijke kansen tussen verschillende bevolkingsgroepen in stand houdt of zelfs verergert. Het is daarom cruciaal dat racistisch pesten herkend en effectief aangepakt wordt. Leraren spelen hierin een sleutelrol. Zij moeten zorgen voor een veilige en inclusieve leeromgeving waarin alle kinderen zich kunnen ontwikkelen. Dit betekent enerzijds ingrijpen bij racistische pestincidenten, en anderzijds actief werken aan een anti-racistisch klasklimaat door inclusief onderwijs en het opkomen voor leerlingen met een migratieachtergrond.

Leerkrachten worstelen met dit onderwerp

In de praktijk blijkt dat leerkrachten vaak worstelen met dit onderwerp. Ze voelen zich onzeker over hoe ze over racisme moeten praten, uit angst om fouten te maken of iemand te kwetsen. Anderen zien het niet als hun verantwoordelijkheid of missen de steun van collega's en schoolleiding. Dit kan echter tot gevolg hebben dat leerlingen uit minderheidsgroepen zich onveilig voelen en niet durven te vertellen over hun ervaringen, omdat ze denken dat er toch niets mee wordt gedaan.

Wat hebben leerkrachten nodig om effectief te reageren?

Leerkrachten kunnen dus wel wat ondersteuning gebruiken. Om ze goed te kunnen ondersteunen, moeten we eerst begrijpen welke factoren hun reacties op racistisch pesten beïnvloeden. Denk hierbij aan hun kennis over racisme, hoe ze hun taak als leerkracht opvatten, hun zelfvertrouwen om in te grijpen, wat collega's vinden, en de steun die ze van school krijgen. Dit onderzoek brengt voor het eerste al deze puzzelstukjes bij elkaar in één helder model. Door zicht te krijgen op deze factoren en te begrijpen hoe die met elkaar samenhangen, krijgen we beter inzicht in wat leerkrachten nodig hebben om effectief te reageren op racistisch pesten. Dit helpt om gerichte trainingen te ontwikkelen, beleid te maken en ondersteuning te bieden die aansluit bij de behoeften van leerkrachten. Zodat uiteindelijk alle leerlingen zich veilig kunnen voelen op school.

Aanpak

Het onderzoek bestaat uit twee onderdelen. Willems ontwikkelt een vragenlijst die hij uittest bij ongeveer 50 leraren om te controleren of alle vragen goed werken. Daarna vullen meer dan 350 leraren uit het basis- en voortgezet onderwijs de definitieve vragenlijst in. Met geavanceerde statistische analyses brengt hij vervolgens in kaart welke factoren het belangrijkst zijn voor verschillende manieren waarop leraren kunnen reageren - zoals zelf ingrijpen, ouders inschakelen, met collega's overleggen, of het slachtoffer troosten.

Verbreding

Met het onderzoek legt Willems een basis die breder ingezet kan worden. Het model is namelijk ook bruikbaar voor andere vormen van pesten op basis van vooroordelen, zoals pesten vanwege seksuele geaardheid, geslacht of neurodiversiteit. Op langere termijn leidt dit hopelijk tot vervolgstudies die interventies in de praktijk testen, zodat we van inzicht naar daadwerkelijke verandering in scholen kunnen komen. Uiteindelijk draait het erom dat alle leerlingen zich veilig kunnen voelen op school.

Over het onderzoek

Het onderzoek loopt van 1 juni 2026 tot en met 31 mei 2027 en wordt uitgevoerd door Roy Willems, universitair docent bij de faculteit Psychologie. Zijn onderzoeksgebied richt zich op discriminatie en stigma, pesten op basis van vooroordelen, gedragsverandering, en interventieontwikkeling. Het project wordt gefinancierd door NWO (SGW Open Competitie XS).