Deze website gebruikt cookies (en daarmee vergelijkbare technieken) om het bezoek voor u nog makkelijker en persoonlijker te maken. Met deze cookies kunnen wij en derde partijen uw internetgedrag binnen en buiten onze website volgen en verzamelen.
Hiermee kunnen wij en derde partijen advertenties aanpassen aan uw interesses en kunt u informatie delen via social media.
Klik op 'Ik ga akkoord' om cookies te accepteren en direct door te gaan naar de website of klik op om uw voorkeuren voor cookies te wijzigen. Bekijk onze privacyverklaring voor meer informatie.
PSY_GGZonderzoek_13832_head_large.jpg
Gezondheid
Seksueel-misbruikslachtoffers geven de GGZ een voldoende
Mensen met een seksueel misbruikgeschiedenis zijn over het algemeen redelijk tevreden over de behandeling die zij bij de GGZ Nederland hebben gekregen. Maar er zou in de behandeling meer aandacht moeten zijn voor het verwerken van de misbruikervaringen. Dit blijkt uit het masteronderzoek van Janneke Brederveld in het kader van een samenwerkingsproject van de Open Universiteit en Rutgers, kenniscentrum seksualiteit. De onderzoeksresultaten zijn gepubliceerd in het Tijdschrift voor Psychotherapie.

Rapportcijfer

216 slachtoffers van seksueel misbruik die na 2007 behandeld werden door de ggz hebben meegewerkt aan dit onderzoek. Driekwart van hen gaf de ggz een voldoende (gemiddeld een 6,8 op 10). Vrijgevestigde therapeuten kregen een iets hoger rapportcijfer (7,4) dan de ambulante zorg bij een ggz-instelling (6,5) en behandeling in (dag)opname (6,3). Al met al reden tot tevredenheid. Toch is er een minderheid waarbij de behandeling in het geheel niet voldeed en soms ronduit traumatisch was. Er is dus zeker nog verbetering mogelijk.

Aandacht voor verwerking

Meerdere respondenten rapporteerden dat ze het moeilijk vonden dat er in hun behandeling geen aandacht werd besteed aan het verwerken van hun misbruikervaringen. Soms mocht er zelfs niet over gesproken worden. De behandelaars gingen ervan uit ‘dat ze dat niet aankonden’. Het onderzoek van Brederveld laat ook zien dat mensen bij wie in de behandeling wél aandacht werd besteed aan verwerking positiever zijn over hun behandeling. Een belangrijke les van dit onderzoek lijkt dan ook dat het verwerken van de misbruikervaringen een grotere plek zou moeten innemen in de behandeling.

Begripvolle communicatie

Een goede, begripvolle communicatie blijkt belangrijk: communicatie over symptomen, over zelfbeschadiging en suïcidepogingen of -gedachten, over misbruikervaringen, en over het afronden van de behandeling. Rust, geruststelling en steun bieden, vriendelijk en respectvol zijn en ervoor zorgen dat de cliënt zich begrepen voelt, werden door respondenten belangrijk gevonden bij de evaluatie van hun behandeling. Veel behandelaars blijken dat goed te doen.

Zelfbeschadiging en suïcide

Wat betreft communicatie over zelfbeschadiging en suïcide verwachtten de onderzoekers dat cliënten met veel problematiek rond zelfbeschadiging en suïcide meer negatieve ervaringen zouden opdoen in de behandeling. Dat verband werd echter niet gevonden. Veel therapeuten slagen er dus in begripvol en respectvol met deze moeilijke problematiek om te gaan. Toch zijn er cliënten die, terwijl ze het al moeilijk hebben met deze problemen, ook nog eens geconfronteerd worden met negatieve reacties van hun hulpverlener hierover. Dit onderwerp blijft derhalve een aandachtspunt. Hulpverleners dienen zich ervan bewust te zijn hoe gevoelig dit kan liggen bij hun cliënten.

Het onderzoek naar tevredenheid van slachtoffers van seksueel misbruik over de ggz werd opgezet in een samenwerkingsproject van de Open Universiteit en Rutgers, kenniscentrum seksualiteit. Het artikel Seksueel-misbruikslachtoffers: Hoe vergaat het hen in de ggz van Janneke Brederveld, Mark Hommes, Willy van Berlo, Ciel Wijsen en Jacques van Lankveld is verschenen in het Tijdschrift voor Psychotherapie, 2018, 44(4) – 210.