Andere kijk op hoe mensen te motiveren voor de energietransitie
Wat in elk geval vaak niet werkt, volgens Neuteleers: duistere abstracte toekomstscenario’s en moralistische veroordelingen. Hij zegt: 'Speel liever in op wat mensen zélf echt belangrijk vinden. Nu, in hun eigen stad of dorp. Dat is effectiever.'
Waarom zou je je inzetten?
Een waardevolle energietransitie is geschreven in opdracht van het Nationaal Programma Regionale Energiestrategie (NP-RES), dat dertig regio’s in Nederland helpt bij de energietransitie via een lerende community. Het essay maakt deel uit van de bundel Nieuwe paden zoeken in transitietijd. Daarin delen meerdere wetenschappers en schrijvers hun andere kijk op de energietransitie.
Vertrek vanuit concrete ervaringen
De centrale vraag waarop Neuteleers antwoord geeft: waarom zouden mensen zich eigenlijk inzetten voor de energietransitie? Neuteleers: 'De boodschappen over het klimaat zijn nu nog vaak abstract, toekomstgericht en moralistisch ingestoken: Zo van: de cijfers over klimaatopwarming zijn alarmerend, dus vliegen is onverantwoord. Doe je dat wel, dan ben je dus dom en verpest je de aarde voor komende generaties.' Zulke veroordelende, minachtende boodschappen wekken geen betrokkenheid op, maar sterke emotionele tegenreacties die kunnen leiden tot polarisatie. 'Beter', betoogt Neuteleers, 'is om te vertrekken vanuit gelijkheid, concrete ervaringen en gedeelde waarden, en binnen een overleg waar we niet meteen ja/nee beslissingen moeten nemen.'
Wandelend overleggen in de natuur
Neuteleers pleit voor het vinden van gedeelde waarden om mensen te motiveren voor de energietransitie. 'Ga het gesprek voeren over wat mensen belangrijk vinden in hun eigen gemeenschap en het landschap waar ze wonen. Het kan ook interessant zijn om daarvoor nieuwe overlegvormen te zoeken. En niet in een vergaderzaal met elkaar te praten maar tijdens een wandeling door de omgeving waar het overleg over gaat. Wrijving mag er ook zijn. Juist door spanning serieus te nemen, en na te denken over wat we wél samen belangrijk vinden, komen we misschien dichter bij elkaar en tot gemeenschappelijke belangen die sterk genoeg zijn om toch als collectief in actie te komen.'