Deze website gebruikt cookies (en daarmee vergelijkbare technieken) om het bezoek voor u nog makkelijker en persoonlijker te maken. Met deze cookies kunnen wij en derde partijen uw internetgedrag binnen en buiten onze website volgen en verzamelen.
Hiermee kunnen wij en derde partijen advertenties aanpassen aan uw interesses en kunt u informatie delen via social media.
Klik op 'Ik ga akkoord' om cookies te accepteren en direct door te gaan naar de website of klik op om uw voorkeuren voor cookies te wijzigen. Bekijk onze privacyverklaring voor meer informatie.
Perron_PSY_SlechteGewoontes_head_large.jpg
Gezondheid
Waarom doe je iets, terwijl je weet dat het niet goed voor je is?
Of iemand nou teveel rookt, drinkt of snackt, het is een feit dat veel mensen hun slechte gewoontes maar moeilijk op kunnen geven. Terwijl ze maar al te goed weten dat het niet goed voor hen is. Hoe komt dat? Waarom kunnen jongeren bijvoorbeeld zo moeilijk weerstand bieden aan het nuttigen van energy drinks, terwijl ze maar al te goed weten dat het niet goed of ongezond voor hen is? Volgens prof. dr. Lilian Lechner, hoogleraar Gezondheidspsychologie aan de Open Universiteit, spelen meerdere (psychosociale) factoren een rol.

Volgens Lilian Lechner is de overkoepelende vraag naar het waarom van dit riskante en ongezonde gedrag een belangrijk issue, waarbij veel (psychosociale) verklaringen een rol spelen. 'Het uitvoeren van een bepaald gedrag heeft per definitie voor- én nadelen. Sommige gedragingen kosten op korte termijn inzet - denk aan energie, tijd, jezelf beperken en jezelf iets ontzeggen -, maar leveren op de lange termijn voordelen op, bijvoorbeeld een betere gezondheid. Veel gezond gedrag valt hier helaas onder. Andere gedragingen, en dat zijn vaak de risico- of ongezonde gedragingen, leveren direct en op korte termijn voordelen op: het is lekker, vervullend, aangenaam, voldoet aan een behoefte. Terwijl ze juist op lange termijn nadelen bieden, zoals overgewicht en een verhoogd risico op een slechte gezondheid. Voor ons mensen is het moeilijk om altijd die langetermijneffecten voorrang te geven op de korte termijn voordelen. 'Instant gratification' krijgt dan toch vaak voorrang, zeker als ook andere factoren een rol spelen, zoals weinig kennis, sociale druk en verkeerd voorbeeldgedrag en weinig zelfvertrouwen om gezond gedrag vol te houden.'

Hormoonveranderingen

Jongeren kunnen volgens Lechner nóg moeilijker dan volwassenen omgaan met de lange termijn consequenties van gedrag. Neem het verschijnsel energy drinks. Red Bull, Rodeo, Bullit, Extran, et cetera: de lijst met energy drinks is inmiddels bijna eindeloos. Ondanks dat gezondheidsdeskundigen waarschuwen voor de negatieve effecten op de gezondheid, zijn deze drankjes enorm populair bij vooral jongeren. Supermarktketens Aldi (per 1 oktober) en Lidl (per 1 september) hebben inmiddels besloten geen energy drinks meer te verkopen aan jongeren onder de 14 jaar. Ook scholen verbieden de drankjes meer en meer. Lechner: 'Je zou de populariteit voor een energie-verhogend drankje gedurende de adolescentie kunnen verklaren op basis van de transities en groei die jongeren op diverse fronten doormaken. Iets waar we ook veel aandacht aan besteden bij de Open Universiteit in onze bachelor cursus Adolescentiepsychologie. Zo treden er veranderingen op in de hormonale systemen die de lichamelijke veranderingen reguleren en coördineren. Hormoonveranderingen kunnen ons gevoeliger en impulsiever maken voor prikkels uit de omgeving.'

Fragiele balans

Maar er spelen meerdere factoren bij jongeren. Zo vergen lichamelijke veranderingen en het seksuele rijpingsproces veel energie van de adolescent en is het brein nog in ontwikkeling. 'Neurobiologische modellen laten een asynchrone ontwikkeling van de hersenen zien. De subcorticale hersengebieden die direct gevoelig zijn voor de spanning van het nemen van risico’s en het ervaren van primaire emoties als beloning, blijdschap of angst bij de aanvang van de adolescentie zijn extra actief. Corticale hersengebieden die belangrijk zijn voor controle van emoties vertonen daarentegen een langzamer ontwikkelingspatroon. Deze fragiele balans in de hersenontwikkeling zou de toename van risicogedrag in de adolescentie en het niet nadenken over consequenties van gedrag kunnen verklaren.'

Sociale invloeden

Tegelijk krijgen adolescenten tussen 11 en 15 jaar te maken met veel druk, uitdagingen en verwachtingen vanuit verschillende hoek, zoals de school, familie, en leeftijdgenoten. 'Daar komt bij dat ze worden geconfronteerd met fysieke en emotionele veranderingen die geassocieerd zijn met het volwassen worden', aldus Lechner. 'In deze periode ontwikkelen adolescenten een sterk gevoel van autonomie, waarin het onafhankelijk maken van keuzes omtrent hun gezondheid en gezondheidsgedrag op de voorgrond staan. Betrekken we dit op de energy drinks, dan hechten adolescenten mogelijk veel waarde aan de positieve sociale verwachtingen ten aanzien van het drankje.'
Ook omgeving-gerelateerde factoren kunnen volgens Lechner een rol spelen. Voorbeelden zijn de toegankelijkheid van energy drinks, sociale normen binnen de jeugdcultuur en/of familie en de presentatie in de media. Zo sponsort een merk als Red Bull veel grote evenementen.

Onderzoek

Binnen het vakgebied Gezondheidspsychologie aan de Open Universiteit wordt veel onderzoek gedaan naar de determinanten van risicogedrag. Daarbij komen vragen aan bod als 'waarom roken we terwijl we weten dat het zeer ongezond is?', 'waarom bewegen we te weinig, drinken we regelmatig alcohol en waarom eten we ongezond?', terwijl we eigenlijk best bereid zijn om gezond te willen leven. 'We doen hierbij veel onderzoek naar wat nu goede strategieën zijn om mensen te helpen met gezonder gedrag', zegt Lechner. 'We testen onder andere eHealth interventies, om mensen te helpen met gedragsverandering naar gezonder gedrag. Ook doet de Open Universiteit, en dan met name het Welten Instituut onder leiding van professor Renate de Groot, veel onderzoek naar de relatie bij jongeren tussen voeding en bewegen aan de ene kant en leerprestaties aan de andere kant.'

Bekijk het perroncollege: Gezondheidspsychologie