null Botsende rechten in de strijd tegen corona, onwettig of oneerlijk?

RW_KarianneAlbers_BotsendeRechten_19269_head_large.jpg

Botsende rechten in de strijd tegen corona, onwettig of oneerlijk?

'De overheid beperkt onze grondrechten door de coronamaatregelen,' zegt Karianne Albers, universitair hoofddocent Staats- en bestuursrecht. 'Interessant is de vraag of het rechtmatig is. Wat weegt in dit geval zwaarder; de individuele grondrechten van burgers of de verplichting om aan daarmee botsende sociale grondrechten te voldoen? De coronamaatregelen van de overheid lijken tot nu toe de rechterlijke toets te doorstaan. De rechter komt tot dat oordeel omdat het gaat om een tijdelijke beperking van bepaalde grondrechten die ook nog eens proportioneel is. Met de maatregelen worden andere belangrijke sociale grondrechten van burgers beschermd.'

Grondrechten

Wetten en verdragen zijn er om de samenleving te reguleren. Het algemeen belang van de samenleving staat daarbij voorop maar dit algemeen belang en belangen van burgers moeten eerlijk tegen elkaar af worden gewogen. Tijdens corona wordt veel gesproken over grondrechten. Deze zijn vastgelegd in de Grondwet en verdragen om de invloed van de overheid te begrenzen en te reguleren. Dat is belangrijk in een democratische rechtsstaat, maar grondrechten zijn niet absoluut. In de Grondwet en in grondrechtenverdragen is vastgelegd dat de overheid die rechten onder voorwaarden kan beperken voor een zwaarwegender doel.

Onwenselijk of onwettig

We kennen twee soorten grondrechten: klassieke en sociale. Klassieke grondrechten gaan over de vrijheden van burgers, zoals de vrijheid van meningsuiting, vrijheid van godsdienst en vrijheid van onderwijs. Sociale grondrechten gaan juist over de verplichtingen van de overheid. Bijvoorbeeld om voldoende werkgelegenheid te bevorderen of het leefmilieu te beschermen. In de bestrijding van corona botsen individuele klassieke grondrechten met de 'maatregelen ter bevordering van de volksgezondheid.' Met deze laatste maatregelen geeft de overheid uitvoering aan een van de in de Grondwet opgenomen sociale grondrechten (het bevorderen van de volksgezondheid). Soms heeft zo’n 'botsing' van grondrechten ernstige gevolgen. Als je net een horecazaak opent en je moet meteen dicht zonder compensatie ga je failliet. Vanuit het oogpunt van een jurist is dat niet zonder meer onrechtmatig. Dat neemt niet weg dat het wel heel zuur is.

De overheid scherp houden

Voelt iemand zich in zijn grondrechten aangetast, dan kan hij of zij naar de rechter stappen. De mogelijkheid om beroep in te stellen tegen beslissingen van de overheid is heel belangrijk voor de rechtstaat. Het houdt de overheid scherp. Het helpt voorkomen dat individuele grondrechten ten onrechte, te veel of te lang worden ingeperkt. Tot nu toe heeft de rechter geoordeeld dat dit bij de coronamaatregelen niet is gebeurd. De maatregelen zijn aantoonbaar nuttig, noodzakelijk en proportioneel. Valt die noodzaak weg? Dan dienen de maatregelen te verdwijnen. Goed dat we scherpe discussies hierover kunnen voeren. Mede daardoor is er sinds de uitbraak van de covid-19 pandemie gewerkt aan het verbeteren van wettelijke regelingen waarop de coronamaatregelen zijn gebaseerd.

Gevoelens van willekeur

In het begin van de pandemie was de juridische basis van maatregelen namelijk nog wat zwak. De overheid werd overvallen. Ondanks SARS was er nog niets geregeld voor een scenario met zo’n besmettelijke ziekte. Het afkondigen van een algemene of beperkte 'noodtoestand' was eigenlijk de makkelijkste basis geweest voor maatregelen. Een vergaande inbreuk op de grondrechten was dan mogelijk geweest. De overheid koos echter voor een minder ingrijpende weg, namelijk de weg van de regionale noodverordening. Deze noodverordeningen werden door de voorzitters van de veiligheidsregio’s afgekondigd. Op het niveau van de veiligheidsregio’s opereren gaf bovendien een beetje speelruimte voor lokaal maatwerk. Een beetje, want de echte belangrijke regels werden centraal vastgesteld en moesten in de noodverordeningen worden overgenomen. Zo kon het voorkomen dat een marktman in de ene veiligheidsregio nog wel met zijn bloemenkraam op de markt mocht staan, maar een kilometer verderop niet omdat die plaats onder een andere veiligheidsregio en andere marktregels viel. Dat soort dingen zijn zeker niet onrechtmatig, maar geven wel een gevoel van willekeur en rechtsongelijkheid. Elke voorzitter van een veiligheidsregio heeft een eigen bevoegdheid om een verordening op te stellen. Zolang de door de centrale overheid gegeven regels daar in staan is er op andere punten nog vrijheid en ruimte voor lokaal beleid. Bijvoorbeeld als het gaat om regels over het houden van markten.

Vechten voor gelijkheid

Nu het testen voor toegang. Is dat discriminatie? De rechter heeft onlangs geoordeeld dat het coronatoegangsbewijs mag worden toegepast en dat er geen sprake is van discriminatie. Er wordt wel onderscheid gemaakt maar dit gebeurt op objectieve gronden en dat mag. Voor de maatregel bestaat een wettelijke grondslag, er wordt een legitiem doel mee gediend. Namelijk de bescherming van de volksgezondheid. Verder is de maatregel proportioneel. Een geldige QR-code is niet overal nodig. Bovendien is voor het verkrijgen van een QR-code vaccinatie niet verplicht. Een negatieve test telt ook. Elke keer blijkt dat de proportionaliteit van de maatregel voor een rechter belangrijk is, net als het tijdelijke karakter. Het einde van de pandemie is nog niet in zicht. Er zullen altijd burgers geraakt worden door de genomen maatregelen. Daarom is het belangrijk dat we continu op zoek blijven naar de juiste balans tussen de verschillende grondrechten die in het geding zijn. Onze grondwet en de mensenrechtenverdragen bieden hier de ruimte toe.

Over Karianne Albers

Karianne Albers is universitair hoofddocent Staats- en bestuursrecht bij de Open Universiteit. Zij doet onderzoek op het terrein van het algemeen bestuursrecht, het bestuursprocesrecht, de rechtsbescherming van de burger tegen de overheid, het bestuurlijk handhavingsrecht, het bestuursstrafrecht, de invloed van digitalisering op het bestuursrecht en het overheidsaansprakelijkheidsrecht. Daarnaast werkt zij als Rechter plaatsvervanger in de Rechtbank Limburg.

Deze tekst vormt de weerslag van een interview. Daarin kunnen niet alle juridische nuances en analyses worden vermeld. Ben je geïnteresseerd in het hele verhaal lees dan het volledige artikel in de onlangs verschenen bundel Nooit meer dansen? De veilige stad in tijden van pandemie. Het doel van het boek is om de impact van de coronacrisis op de Nederlandse samenleving beter te begrijpen. Voor deze bundel schreef mr. dr. Karianne Albers het artikel 'De coronapandemie te lijf. Over een wettelijk instrumentarium in ontwikkeling'.